Vaardigheid & Springen

Vaardigheid
Als je met de dressuur F-Proeven niveau F4 bent, kun je meedoen aan de vaardigheidsproeven. Hierin komen, naast enkele manegefiguren die je al hebt geleerd bij de dressuurproeven, extra onderdelen voor zoals slalommen, balkjes draven, poortjes passeren en een klein obstakel springen. Bij de vaardigheidsproeven ligt de nadruk op de balans, behendigheid en de samenwerking met het paard. De vaardigheidsproeven bestaan uit drie verschillende niveaus; Vaardigheid 1, 2 en 3, oftewel Va1, Va2 en Va3.

Vaardigheid 1 (Va1)
Vaardigheid 1 kan gereden worden wanneer je 1 promotiepunt in de F4 hebt behaald. De Va1 is vooral bedoeld om ruiters behendiger te maken op het paard en om meer balans te ontwikkelen voor het springen.

Vaardigheid 2 (Va2)
Vaardigheid 2 kan gereden worden wanneer je 2 promotiepunten hebt behaald in de Va1 of wanneer je jouw diploma hebt behaald in de F4. Bij de Va2 wordt het al iets moeilijker en wordt er onder andere van jou gevraagd om in de verlichte zit te galopperen. Na het behalen van je 2e promotiepunt in de Va2 krijg je jouw diploma.


Springen
Voordat je gaat springen is het van belang dat je in balans zit op je paard en het paard niet hindert in zijn bewegingen. Een goede houding is daarom niet alleen mooi, maar vooral functioneel. Wanneer een paard wordt gehinderd in zijn beweging is dit niet bevorderlijk voor het welzijn van het paard tijdens het springen, maar kan het ook voor gevaarlijke situaties zorgen. Het is daarnaast belangrijk dat het paard enige springaanleg heeft en dat hij het springen leuk vindt om te doen. Het FNRS Handboek “Leer paardrijden met plezier” dient als naslagwerk voor het FNRS Springen.